Selecteer een pagina

LANDGOED

HET BOS

Volgens de richtlijnen dient eenvierde van het landgoed uit bos te bestaan. Dit kwart hectare bos is permanent en mag dus niet gebruikt worden voor commerciële houtkap!

Geschikt voor dit minibos zijn: coniferen, loofbomen, fruitbomen en notenbomen. Langs paden, op een open plek en aan de rand van zo’n bos, kan een grote variëteit aan struiken geplaatst worden, waaronder bessenstruiken en heesters. Ideaal gesproken kent alle aanplant op het landgoed een grote biodiversiteit.

Wat voor bos heeft jouw voorkeur? Bestaat het uit één en dezelfde soort bomen, of kies je voor een gemengde samenstelling? Het planten van cultivars wordt daarbij afgeraden omdat deze geen kiemkrachtig zaad voortbrengen. Want de natuur dient optimaal te kunnen regenereren!

 

VRIJE GROND

Met betrekking tot de inrichting van de vrije grond zijn er meerdere opties. De keus van huisvesting en bedrijfsvoering zijn hiervoor bepalend. Als richtlijn gelden duurzame methoden van landbouw en kleinschalige veehouderij, maar bijvoorbeeld ook het hoeden van bijen.

Wisselteelt, permacultuur, organische bemesting en plantenrassen die intensief wortelen, creëren bodemherstel en een verbeterde bodemvruchtbaarheid. Aangeraden wordt, gewassen te telen die in onze klimaatzone goed gedijen.

Men kan ook extra bos aanleggen voor houtproductie voor opvolgende generaties. Daarnaast is er plaats voor huisvesting en bijgebouwen, uiteraard in overeenstemming met daarvoor vastgestelde wetgeving.

WATERBEHEER

Een meer en vijvers vormen een habitat voor vissen en vogels, en kunnen ook als drinkplaats fungeren voor dieren. Mensen genieten van de aanblik van water, en recreëren er graag bij! Ook kunnen waterreservoirs aangelegd worden. Deze dienen voor irrigatie bij langdurige regen, en voorzien in water bij aanhoudende droogte. Vanwege klimaatverandering komen uitersten in het weer vaker voor.

OPENBARE RUIMTE

Wat gebeurt er als burgers een hectare krijgen toegewezen? Er ontstaan individueel beheerde hectaren, die we in dit kader ook ‘hectare-units’ kunnen noemen.

Wanneer hectare-units worden beheerd met dit nieuwe gedachtengoed, en tevens aan elkaar grenzen in een nieuw onderling verband, onstaan er nieuwe en grootschaliger conglomeraties.

Factoren zoals sociale cohesie, infrastructuur en energievoorziening spelen daarbij een rol. Hectare-units kunnen derhalve ook worden gerangschikt in de vorm van hectaredorpen.
.

HECTAREDORP

Maar hoe ziet dat er dan uit? Een hectaredorp mag maximaal uit 150 hectares bestaan, en heeft een dorpskern voor algemene activiteiten. Dit centrum mag maximaal 7% van het totale dorpskavel in beslag nemen. Dus bij een hectaredorp van 100 hectares bestaat de dorpskern uit een oppervlakte van 7 hectares. Bij 150 hectares is het 10½ hectaren.

Op ‘het platteland’ kunnen boerenbedrijven middels deze nieuwe indeling overstappen naar kleinschalige landbouw en veehouderij. Idealiter gebeurt dit met behulp van de overheid. Subsidies en een basisinkomen maken ongetwijfeld een wereld van verschil!

Ook families die een hectare grond willen beheren krijgen daarvoor dan de ruimte!